Door: Rashied Soebratie

In de naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle.

'Uthman en de Umayaden volgens Bukhari en Muslim

27 juli 2005 | 19 Jumada Al-Thani 1426

Zoals u reeds mijn artikel " 'Uthman ibn 'Affan, een rechtgeleide Kalief?" heb kunnen lezen, merkt u dat ik steeds niet-moslim auteurs heb aangehaald. Deze auteurs hebben zelf oude Islamitische bronnen aangehaald die je niet zo maar  ergens tegenkomt. En als je ze tegenkomt, dan is het meestal in het Arabisch of in het Engels (in een beknopte vorm).
 
Echter zijn de Engelse collectie van Sahih Bukhari en Sahih Muslim wel te verkrijgen of via internet te raadplegen.
Omdat deze toegangeklijk zijn voor de lezers, wil ik hier graag als aanvulling voor mijn artikel gebruiken. Ik gebruik zelf Sahih al-Bukhari, Arabic-English van Dr. Muhammad Muhsin Khan in negen volumes, uitgeverij Dar al-Arabia en Sahih Muslim van Abdul Hamid Siddiqi in vier volumes, uitgeverij Kitab Bhavan, een Engelse vertaling.
 
Verder geef ik de pagina's, volume en Hadith nummer aan, zodat de verglijking vergemakkelijkt voor degene die zulke verzamelingen in het bezit hebben. Voor degene die de verzamelingen  niet in het bezit hebben, raad ik aan om de Hadith nummers te gebruiken om via internet te raadplegen. Alle [  ] en ** zijn van mij afkomstig en hoop hiermee duidelijkheid te scheppen.


Bukhari vol. 9, pag. 158, hadith 204:
 
Het is overgeleverd door Al-Hasan: Al-Ahnaf zei: <Ik ging erop uit met mijn wapens gedurende de nachten van rampspoed [de oorlog tussen 'Ali en 'Aisha] en ontmoette Abu Bakra en die vroeg aan mij: 'Waar ga je heen?' Ik antwoorde: 'Ik heb de intentie om de neef van de Boodschapper van Allah (SAW) te helpen'. Abu Bakra zei: 'De Boodschapper van Allah (SAW) heeft gezegd: "Als twee moslims hun zwaarden oppakken om elkander te bestrijden, dan zijn beiden uit de mensen van het vuur [Hel]". Er werd gezegd tegen de Profeet (SAW): 'Het is goed voor de moordenaar, maar hoe zit het met degene die gedood word?'  Hij antwoordde: "De gedode had de intentie om zijn tegenstander te doden">.
 
Bukhari vol. 9, pag. 171, hadith 220:
 
Het is overgeleverd door Abu Maryam 'Abdullah bin Ziyad Al-Aasadi: <Toen Talha, az-Zubair en 'Aisha naar Basra gingen, zond 'Ali, 'Ammar bin Yasar en Hasan bin 'Ali, die beiden naar ons kwamen te Kufa en klommen op de preekstoel. Al-Hasan bin 'Ali was aan de top van de preekstoel en "Ammar was onder Al-Hasan. Wij waren met z'n allen bijeen gekomen voor hem. Ik hoorde 'Ammar zeggen: ' 'Aisha is naar Basra gegaan. Bij Allah! Zij is de vrouw van jullie Profeet (SAW) in deze wereld en in het hiernamaals. Maar Allah de Verhevene heeft jullie voor een keuze gesteld, jullie gehoorzamen Hem of haar ['Aisha]'>.
 
Bukhari vol. 9, pag. 176, hadith 228:
 
Overgeleverd door Abu Al-Minhal: <Toen ibn Ziyad en Marwan in Sha'm [SyriŰ] waren en ibn az-Zubair de leiding in Mekka overnam en de Qurra [Kharidjieten] in Basra rebelleerden, ging ik met mijn vader weg naar Abu Barra Al-Aslami totdat wij zijn huis binnen gingen en hij zat zelf in de schaduw van een kamer, gebouwd van riet. We zaten samen met hem en mijn vader begon te praten, zeggende: 'O Abu Barra! Zie jij niet in wat voor dilemma de mensen zijn terecht gekomen?' Het eerste wat ik van hem hoordde zeggen: 'Ik zoek beloning van Allah voor mezelf, omdat ik boos ben en minachting heb op de Quraishieten. O jullie Arabieren! Jullie weten heel goed dat jullie in ellende zaten en in de minderheid en onverstandig en dat Allah jullie voorspoed bracht met de komst van de Islam en met Muhammad (SAW), totdat Hij jullie in deze [voorspoed en blijdschap] bracht die je nu ziet en het zijn deze wereldse rijkdommen en plezier die ervoor hebben gezorgd dat er onheil tussen jullie plaats vind. Degene die in Sha'm [bedoeld word: Marwan] is, bij Allah, vecht alleen voor wereldse profijt en degene die bij jullie behoren vechten alleen voor wereldse profijt en de ene die in Mekka bevind [bedoeld word: ibn az-Zubair], bij Allah, vecht alleen voor wereldse profijt'>.
 
Bukhari vol.3, pag. 541, hadith 867:
 
Overgeleverd door Al-Hasan Al-Basri: <Bij Allah! Al-Hasan bin 'Ali voerde een grote leger als Bergen aan tegen Mu'awiyah. 'Amr bin Al-'As zei [tegen Mu'awiyah]: 'Ik zie legers die niet terug zullen keren voordat zij hun tegenstanders hebben gedood'. Mu'awiyah die in feite de beste was van de twee, zei tegen hem: 'O 'Amr! Als deze die dood en die dood deze, wie zal er dan overblijven voor mij om de publieke taken ervoor uit te voeren, wie zal er overblijven samen met mij voor hun vrouwen, wie zal er overblijven samen met mij voor hun kinderen?' Toen zond Mu'awiyah twee Quraishieten die bij de stam van Abdi Shams behoorden, 'Abdur Rahman bin Sumura en Abdullah bin 'Amir bin Kuraiz naar Al-Hasan, zeggende aan hen: 'Ga naar deze man [Al-Hasan bin 'Ali] en onderhandel en praat met hem over vrede'. Ze gingen naar Al-hasan en spraken met hem over vrede. Al-Hasan zei: 'Wij, de nakomelingen van 'Abdul Muttalib hebben rijkdom en mensen hebben zich verdiept in het uitmoorden en in corruptie'. Ze zeiden tegen Al-Hasan: 'Mu'awiyah bied jou dat en dat aan en verzoekt jou om vrede te accepteren'. Al-Hasan zei tegen hem: 'Maar wie zal de verantwoordelijkheid dragen voor dat wat jullie hebben gezegd?' Ze zeiden: 'Wij zullen de verantwoordelijkheid ervan dragen'. Zo, wat Al-Hasan ook vroeg, zeiden zij: 'Wij zullen de verantwoordelijkheid ervan dragen'. Al-Hasan ondertekende een vredesverdrag met Mu'awiyah. [Al-Hasan Al-Basri continueerde] Ik hoorde Abu Bakr zeggen: 'Ik zag de Boodschapper van Allah (SAW) op de preekstoel en Al-Hasan bin 'Ali was naast hem. De profeet (SAW) keek een keer naar de mensen en een keer naar Al-Hasan bin 'Ali, zeggende: 'Deze zoon van mij is een Sayid [Nobel] en moge Allah vrede brengen via hem tussen twee grote groepen moslims'>.
    **: Dit betreft de overgave van al-Hasan, kort daarna wordt hij vergiftigd door zijn vrouw. Ook hier valt op dat deze Hadith een politieke lading heeft en dat Al-Hasan Al-Basri als een Soefi-meester, pro Umayaden was, maar schijn bedriegt! Hij moest wel, want hij leefde in de tijd van de Umayaden dynastie en kon zo zijn leven verliezen. Zie ook: " 'Uthman ibn 'Affan, een rechtgeleide Kalief?", bij punt 12.
 
Muslim vol. 3, pag. 841, hadith 3889:
 
Jabir heeft overgeleverd: <Wij gingen van Mekka naar Medina samen met de Boodschapper van Allah en mijn kameel werd ziek [en de rest van de Hadith is hetzelfde als 3888, maar gaat verder met de woorden]. Hij [de Profeet (SAW)] zei tegen mij: 'Verkoop je kameel aan mij'. Ik zei: Nee, het is voor jou. Hij zei: 'Nee, verkoop het aan mij'. Ik zei: Nee, maar Boodschapper van Allah, het is voor jou. Hij zei: 'Nee, dat kan niet, maar verkoop het aan mij'. Ik zei: Geef mij een 'Uqiya van goud omdat ik dat schuldig ben aan iemand, en dan is het van jou. Hij [de Profeet (SAW)] zei: 'Ik neem het en rij op het tot aan Medina'. Toen ik in Medina arriveerde, zei de Boodschapper van Allah (SAW) tegen Bilal: 'Geef aan hem een 'Uqiya van goud en ook een extra'. Hij gaf mij een 'Uqiya van goud en een beetje erbij totdat het een Qirat werd. De toevoeging [extra] van de Boodschapper van Allah (SAW) was bij mij [als een soort zegen] en legde het in een zak totdat de mensen uit SyriŰ het afpakte op de dag van Harra>.
    **: "Dag van Harra" is de dag dat mensen uit SyriŰ in opdracht van Yazid ibn Mu'awiyah, Medina hadden aangevallen en de inwoners afslachtte. Deze gebeurtenis vond plaats in het jaar 63 anno Higera.
 
Bukhari vol. 4, pag. 463, hadith 704:
 
Het is overgeleverd door Muhammad bin Jubair bin Mut'im: dat hij samen met een delegatie van de Quraishieten naar Mu'awiyah ging, de laatste hoorde de nieuws dat 'Abdullah bin 'Amr Al-As zei dat er een koning zal voortkomen uit de stam van Qahtan. Daarop werd Mu'awiyah boos, stond op en prees Allah, die Hij verdiende en zei: 'Nu dan, ik hoorde dat sommige mannen uit jullie dingen overleveren die niet in de Heilige Boek nog is verteld door de Boodschapper van Allah (SAW). Deze mannen zijn onwetend onder jullie. Kijk uit voor deze omdat deze tot dwaling onder de mensen kan leiden, ik hoorde de Boodschapper van Allah (SAW) zeggen: "Autoriteit van regeren zal bij de Quraishieten blijven en degene die vijandschap toont, Allah zal hem vernietigen zolang zij zich houden aan de wetten van de religie" '.
    **: Hier legt Mu'awiyah de claim voor de Umayaden vast. Tevens is dit een indicatie dat er in zijn tijd valse Ahadith in omloop waren. Zie ook mijn artikel: "Hoe betrouwbaar zijn onze Hadiths?"
 
Bukhari vol. 4, pag. 230, hadith 358:
 
Overgeleverd door 'Abdullah bin az-Zubair: <Toen az-Zubair opstond tijdens de "oorlog van de kameel" [oorlog tussen 'Aisha en 'Ali], riep hij mij en stond naast mij en zei: 'Mijn zoon! Vandaag zal iemand gedood worden als een onderdrukker of als een onderdrukte. Ik zie dat ik als een onderdrukte gedood zal worden. Mijn grootste zorg zijn mijn schulden...[vanwege de lengte geef ik hier een samenvatting: Hij gaf opdracht aan zijn zoon om zijn rijkdom te verdelen in de familie en wat overblijft, daarmee zijn schulden af te lossen. Vele Ashaab kochten zijn landgoed op en zijn grootste landgoed heette "Al-Ghaaba" die verdeeld werd in stukken en verkocht werd aan Mu'awiyah en anderen. Tijdens het verkopen werd er steeds hoger geboden en uiteindelijk werd alles verkocht.] ... Az-Zubair had vier vrouwen en nadat een derde deel volgens zijn testament werd verdeeld, kreeg elk vrouw een miljoen en twee honderdduizend. Zijn totale vermogen was vijftigmiljoen en twee honderdduizend>.
    **: Zoals ik eerder aangaf, hadden de hoofdrol spelende Ashaab maar twee dingen op het oog: macht en rijkdom! Zie ook: " 'Uthman ibn 'Affan, een rechtgeleide Kalief?", bij punt 6.
 
Muslim vol. 2, pag. 626, hadith 2839:
 
Nafi' overlevert dat 'Abdullah b. 'Abdullah en Salim b. 'Abdullah zeiden tegen 'Abdullah [ibn 'Umar ibn Khattab] in de tijd dat Hajjaj kwam vechten tegen ibn az-Zubair: 'Het zal niet erg zijn als je de Hajj dit jaar overslaat, want wij vrezen dat er een gevecht zal uitbreken tussen de mensen en zal zo een hindernis vormen tussen jou en het Huis [Kaba]...'. [Verder wordt hier de rituelen van de Hajj opgenoemd].
    **: Deze komt ook overeen met Sahih Bukhari vol. 2, pag.410, hadith 704
 
Bukhari vol. 5, pag. 508, hadith 709:
 
Overgeleverd door Abu Bakra [Let op: Geen Abu Bakr]: <Gedurende de dagen van "Al-Jamal" [slag van Kameel - oorlog tussen 'Aisha en 'Ali], liet Allah mij profiteren van een woord die ik van de Boodschapper van Allah (SAW) had gehoord, nadat ik mij had gevoegd bij de metgezellen van Al-Jamal en met hun meevocht. Toen de Boodschapper van Allah (SAW) ge´nformeerd werd dat de Perzen, de dochter van Khosrau hadden gekroond tot hun regeerder, zei hij: "Zulke mensen die geleid worden door een vrouw, zullen nooit succes behalen">.
 
Bukhari vol. 5, pag. 66, hadith 91:
 
Overgelverd door Muhammad: Anas bin Malik zei: <Het hoofd van Al-Husain [Ibn 'Ali b. Abu Talib] werd gebracht voor 'Ubaidullah bin Ziyad en werd gelegd op een [presenteer] blad. Toen begon ibn Ziyad door middel van een stok met de neus en mond van Al-Husain's hoofd te spelen en zei iets over zijn mooie uiterlijk>. Anas zei toen tegen hem: <de gelijkenis van Al-Husain komt overeen met de Profeet (SAW), meer dan de anderen>. Anas voegde eraan toe: <Zijn haar [Al-Husain] was gekleurd met Wasma [een soort plant waarmee je haren kunt kleuren]>.
 
Bukhari vol. 5, pag. 67, hadith 93:
 
Overgeleverd door 'Uqba bin Al-Harith: <Ik zag Abu Bakr, Al-Hasan op zijn rug dragen en zei: "Moge mijn vader opgeofferd worden voor jou; jouw gelijkenis is met de Profeet (SAW) en niet 'Ali". Hierop begon 'Ali te lachen>.
 
Bukhari vol. 5, pag. 68, hadith 96:
 
Overgeleverd door ibn Abi Nu'm: <Iemand vroeg aan 'Abdullah bin 'Umar, of een moslim een vlieg mag doden. Ik hoorde hem antwoordden: "Mensen vragen over het doden van een vlieg terwijl zij zelf de zoon van de dochter van de Boodschapper van Allah (SAW) hebben vermoord. De profeet (SAW) zei: "Zij [Hasan en Husain] zijn mijn twee basilicum in deze wereld" ">.
    **: De Profeet (SAW) vergeleek ze met de geur van basilicum omdat hij ze vaak omhelsde en aan hun geur rook.
 
Bukhari vol. 5, pag. 236, hadith 358:
 
Overgeleverd door Jubair bin Mut'im: ... overgeleverd door Sa'id bin Al-Musaiyab: <Toen de eerste burgeroorlog uitbrak vanwege het vermoorden van 'Uthman, bleef niemand over van de strijders van Badr in leven. Toen de tweede burgeroorlog, dat is de "Slag van Al-Harra", uitbrak, bleef geen enkel metgezellen in leven over die het "Verdrag van Hudaibiya" hadden meegemaakt. En toen de derde burgeroorlog uitbrak, kwam die niet tot bedaren totdat de krachten van de mensen waren uitgeput>.
    **:  Bij de slag van Al-Harra waren de inwoners van Medina uitgemoord door het leger van Yazid ibn Mu'awiyah ibn Abi Sufyan.
 
Muslim vol. 4, pag. 1284, hadith 5915:
 
Overgeleverd door Shu'ba dat 'Amir b. Sa'd b. Abi Waqqas via zijn vader heeft overgeleverd dat Mu'awiyah b. Abi Sufyan, Sa'd als gouverneur had aangesteld en zei: 'Wat houd je tegen om Abu Turab [bijnaam van 'Ali ibn Abi Talib] te beledigen?' Daarop werd er gezegd: 'Vanwege drie dingen die ik mij herinner van de Boodschapper van Allah (SAW) en over hem heeft gezegd dat ik hem niet beledig ondanks dat ik een van de drie dingen voor mezelf vind, zal het voor mij dierbaarder zijn dan rode Kamelen'...[De drie dingen worden hier opgesomd].
    **: Dit is een van de bewijzen dat Mu'awiyah tijdens vrijdagspreek, 'Ali ging vervloeken! Zie ook: punt 12 van " 'Uthman ibn 'Affan, een rechtgeleide Kalief?".
 
Muslim vol. 4, pag. 1287, hadith 5924:
 
Overgeleverd door Sahl b. Sa'd dat iemand uit de nakomelingen van Marwan als gouverneur in Medina werd aangesteld. Hij riep Sahl b. Sa'd op om 'Ali te beledigen, Sahl weigerde dat. Hij [de gouverneur] zei tegen hem: 'Als je hiermee niet akkoord gaat, zeg dan [tenminste]: Moge Allah, Abu Turab vervloeken'. Sahl zei: <Er was geen ander naam dierbaarder voor 'Ali [ibn Abi Talib] dan Abu Turab en hij voelde zich daarbij prettig als iemand hem zo noemde>...
    **: De gouverneur was Marwan b. al-Hakam. De naam "Abu Turab" betekent "vader van de stof". Deze werd aan 'Ali gegeven door de Profeet (SAW) als een koosnaam. Opvallend is bij een aantal Ahadith dat sommigen niet bij name worden genoemd. Dit was uit vrees voor de Umayaden regeerders. Zie ook: " 'Uthman ibn 'Affan, een rechtgeleide Kalief?" bij punt 12.


    Beste lezer, zoals je de Ahadith ziet, kun je je afvragen waarom de imams dit niet vertellen. Waarom verbergen ze zo iets? De meeste van de imams blijven in hun huizen of in de moskee en komen niet naar buiten. Het gevolg hiervan is dat wij op straat worden aangesproken door niet moslims. Men vergeet dat zij onze boeken ook bestuderen en publiceren, maar naar mijn mening is er niemand in de Islamitische gemeenschap die  er wakker van ligt. Ik kan u wel een ding verzekeren dat ik mij hiervoor wel schaam en bedroefd ben. Mijn vroegere beeld over sommige Ashaab als vrome, sobere en Godsvrezende mensen, word steeds afgebrokkeld. Uiteindelijk blijft het toch mijn probleem en ik zal er mee moeten leven.

Moge Allah de Verhevene, aan een ieder wijsheid schenken en moge Zijn Zegeningen en Vrede op onze profeet Mohammed (SAW) rusten.

Rashied Soebratie, een instrument van Allah de Verhevene.

Mocht u nog vragen hebben, dan kunt u altijd contact met mij opnemen. Klik hier

Top